We willen via Casamance in Zuid-Senegal naar Oost-Senegal rijden om vanaf Tambacounda in het Oosten af te zakken naar Kedougou aan de grens van Guinee.
Vanaf Brikama rijden we richting Seleti om hier de grens naar Senegal over te steken. Bij de grensovergang ontmoeten we een vrouw met haar zoontje die net als wij naar Ziguinchor gaan. Natuurlijk geven we haar graag een lift.
De rit naar Ziguinchor is prachtig, en afwisselend met bos, kleine dorpjes en veel water. We komen rond het middaguur aan in Ziguinchor, de administratieve hoofdstad van de regio Casamance. Toen we de trip planden, was het plan om in Ziguinchor te overnachten. Omdat we relatief vroeg zijn, besluiten we om door te rijden naar Wassadou. We denken dat we hier einde van de middag kunnen zijn.
Nadat we Ziguinchor achter ons hebben gelaten, komen we bij een checkpoint aan. De agent begroet ons en vraagt waar we heen gaan. Als Adama vertelt dat onze eindbestemming Wassadou is, begint de agent uit te leggen welke plaatsen we dan tegenkomen. Ik heb besloten niet op de kaart te kijken, maar vooral van de omgeving te genieten, dus ik heb geen idee hoe lang we onderweg zullen zijn.
De eerste stad die we tegen zullen komen is Tanaaf. Op een km bordje langs de weg zie ik dat dit nog 140 kilometer is. Dat klinkt voor Europese begrippen niet ver, maar in Afrika kan 140 kilometer heel lang duren. We zien het wel!

De omgeving is overweldigend! Casamance is waterrijk en het land is vruchtbaar. Overal zie je groen en water en de meest geweldige uitzichten vormen zich. Deze rit is echt geen straf.
Na ruim 2 uur komen we in Tanaaf aan. Het is inmiddels na 14 uur en bloedheet. We stoppen in Tanaaf om heerlijk gegrild schapenvlees met brood te eten en een koud drankje te drinken. Na even te hebben gerust vervolgen we onze weg. De volgende stad die we tegen gaan komen is Kolda, 71 kilometer volgens het bordje langs de weg. Ik denk aan de heerlijke hangmat die me te wachten staat in Wassadou, uitkijkend over de rivier The Gambia en met dollende apen om mij heen. Ik hoop dat we aankomen voor het donker wordt!
Aangekomen in Kolda besluiten we direct door te rijden naar het volgende punt, de stad Vélingara. Nieuwsgierig kijk ik uit naar de kilometer bordjes en uiteindelijk zie ik er 1 in de verte aankomen. 132 km hebben we af te leggen naar Vélingara. Dan zijn we waarschijnlijk niet voor het donker in Wassadou. Geen probleem, de hangmat hangt er morgenochtend ook, en het uitzicht is ‘s ochtends ook geweldig!
Het landschap verandert en wordt droger. We rijden steeds oostelijker en we laten het water achter ons. Het is nog steeds warm als we uiteindelijk in Vélingara aankomen. We manoeuvreren ons door de drukte van de markt en vervolgen onze weg naar Tambacounda. De kilometerbordjes lijken verdwenen en we hebben beiden geen idee hoe ver Tambacounda nog is. Het begint inmiddels te schemeren en de typische Afrikaanse kleuren van de zonsondergang komen tevoorschijn. Dit tijdstip van de dag vind ik het allermooist in West-Afrika. De hemel lijkt in brand te staan en het licht geeft een oranjeachtige gloed over het landschap.
Ik geniet hier volop van als plotseling het olie lampje van de auto gaat branden. We stoppen vlak voor een klein dorp om de auto te laten afkoelen en het oliepeil te checken.
Ik moet nodig naar het toilet, maar het is inmiddels donker en in de berm zitten is met het risico op slangen geen goed idee. Vanuit een hutje langs de weg komt een vrouw naar mij toe lopen en ze zegt mij in het Frans dat ik van hun toilet gebruik mag maken. Dankbaar volg ik haar naar de compound waar kinderen spelen en de mannen voetbal kijken op een kleine tv. De vrouwen zijn pinda’s aan het roosteren, hun eigen oogst. Ik moet mijn handen ophouden en de vrouwen vullen deze met warme vers gebrande pel pinda’s. Ik bedank hen heel hartelijk voor hun gastvrijheid en vriendelijkheid en loop terug naar de auto. Als ik de sterrenhemel zie en denk aan wat ik net heb meegemaakt, dan kan ik alleen maar denken “dit is Afrika”. Deze behulpzaamheid, vriendelijkheid en gastvrijheid is zo typisch voor Afrika. Hoe minder je hebt, hoe meer je wilt geven…

De olie is inmiddels aangevuld en we vervolgen onze weg. Ik probeer op elk bordje langs de weg het aantal kilometers tot Tambacounda te vinden, maar helaas zijn de bordjes slecht leesbaar in het donker. We rijden moedig door en hebben de grootste lol. Het idee dat we voor het donker in Wassadou zouden zijn geeft ons de slappe lach.
Bij elk licht dat we in de verte zien, denken we dat dit Tambacounda moet zijn, om vervolgens bij elk dorp te ontdekken dat het een illusie is. Het kost ons uiteindelijk 2 uur om in Tambacounda aan te komen.

In Tambacounda vullen we de tank, legen we onze blaas bij een tankstation en kopen we water en wat koekjes. Vol goede moed vervolgen we onze weg naar Wassadou. We zijn hier allebei eerder geweest en Adama verschillende keren, maar nooit op dit tijdstip en nooit in het donker. We zijn er allebei van overtuigd dat Wassadou niet ver van Tambacounda ligt dus verwachten binnen een half uur in het guesthouse aan te komen.
Niets is minder waar. Alle dorpen die we passeren heten geen Wassadou. Uiteindelijk kost het ons nog eens 2 uur en dan zijn we eindelijk daar waar we moeten zijn. Het is inmiddels 11 uur ’s avonds en we zijn moe en hongerig, maar oh zo voldaan. Wat een mooie rit en wat een leuke en bijzondere ervaringen hebben we weer opgedaan.
In het guesthouse in Wassadou worden we ontvangen door manager Omar die vervolgens direct wat te eten voor ons gaat klaarmaken. Koffie, brood en eieren, dat is ons welkomstmaal en het smaakt perfect. De apen slapen inmiddels en er heerst een intense rust hier in dit guesthouse aan de rivier. Al snel loop ik door de Afrikaanse nacht naar mijn verblijf voor de nacht, een klein huisje met een bed, toilet en een douche. Uitgeput en voldaan plof ik op het bed om vervolgens snel in een hele diepe slaap te vallen….